Schendingen van de Rechten van Irakese Kinderen onder de Amerikaanse bezetting

 

 

Maart 2010

door Dr. Souad N. Al-Azzawi, Associate Professor in Environmental Engineering, Iraq.

 

Gedurende twee decennia leden de Irakese kinderen, zoals andere groepen van de  Irakese samenleving, onder ernstige schendingen van de mensenrechten. Deze schendingen vinden hun oorsprong in de afbraak en vernieling van de Irakese overheidsdiensten en de burgerlijke infrastructuur door de agressieve acties van de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk tijdens de Golfoorlog van 1991. De brutale economische sancties, die daarop volgden, sneden de Irakese bevolking af van de elementaire basisbehoeften zoals voedsel, schoon water, gezondheidszorg, onderwijs en veiligheid. In de nasleep van dit economisch embargo stierven in de jaren negentig van de vorige eeuw meer dan een half miljoen Irakese kinderen wegens het ontberen van deze elementaire basisbehoeften[1] en de ontwrichting van maatschappelijke wetmatigheden, zowel economische als sociaal-culturele. Deze dertien embargojaren eindigden met de Amerikaanse invasie van Irak in 2003.

 

Daaropvolgend begon een andere lijdensweg. Bovenop het buitensporig machtsgebruik tijdens de militaire invasieoperaties, begonnen de bezetters daarop met het systematisch afbranden en leegplunderen van de civiele diensten en infrastructuur  zoals de gezondheidszorgcentra, de scholen en universiteiten, de industriële ondernemingen[2], en zo meer.. Om de woorden te citeren uit het UNAMI-verslag van november 2006, kunnen we Irak typeren als "een natie die sinds de Amerikaanse invasie in 2003 is ondergedompeld in barbarij "[3].

 

Het gebrek aan veiligheid, het sektarisch geweld, de verslechtering van de gezondheidszorg, toenemende armoede, massale arrestaties, tekort aan schoon water, beperkte of zelfs helemaal geen elektriciteitsvoorziening, toenemende milieuvervuiling en gebrek aan sanitaire voorzieningen onder de Amerikaanse bezetting hebben ernstige schendingen van de kinderrechten en een drastische verhoging van de kindersterfte in de hand gewerkt. Verschillende rapporten vermelden dat een op de acht kinderen in Irak stierf voor zijn vijfde verjaardag [4].

 

De Amerikaanse bezettingsmacht en de bezettingsgezinde Irakese regering hebben schromelijk gefaald in het vervullen van hun meest elementaire verplichtingen jegens de kinderen van Irak. Dit gaat in tegen de bepalingen van het VN/CRC[1]-Verdrag inzake de Rechten van het Kind, Resolutie 25/Sessie 44, van november 1989 [5]. Deze conventie werd geratificeerd door 194 landen van de Verenigde Naties; Amerika ondertekende het verdrag zonder te ratificeren.

 

Beleidsmedewerkers van het CRC benadrukten de noodzaak om de rechten van het kind op leven en zijn lichamelijke, geestelijke, morele en spirituele ontwikkeling in een veilige omgeving te beschermen. Hieronder tonen we aan hoe de Amerikaanse bezetting de kinderrechten op alle maatschappelijke geledingen heeft geschonden; dus zowel op het gebied van gezondheidszorg, onderwijs, sociale zekerheid en gezinshouvast. Ze heeft hun rechten ook geschonden door kinderen te scheiden van hun ouders door middel van opsluiting, gevangenschap en verbanning.

 

Dit rapport toont de situatie van de Irakese kinderen onder Amerikaanse bezetting en in het bijzonder de schendingen van de kinderrechten met bijzondere aandacht voor de problemen van de Irakese vluchtelingenkinderen in Syrië. 

 

  1. De invloed van de economische sancties (1990-2003) op situatie van de Irakese kinderen

 

In de periode van de economische sancties tegen Irak, opgelegd door de Verenigde Staten, was het voor Irak verboden om apparatuur, medicijnen, educatieve middelen, gezondheidsvoorzieningen enzovoort te importeren uit het buitenland. Deze economische sancties werden opgelegd door de VS administraties in samenspraak met het Verenigd Koninkrijk en bekrachtigd in de VN door resolutie 661 in 1990. De VS en het VK drongen sterk aan in de VN-commissie op het blokkeren van de meest essentiële aspecten van de mensenrechten [6] en domineerden alzo de VN commissie..

 

We percipiëren deze starre economische embargo als een oorlog tegen de Irakese kinderen en dit op verschillende wijzen:

 

1. Volgens Unicef overschreed het sterftecijfer van kinderen jonger dan vijf jaar tijdens de sancties de 4000 per maand [7]. Dit betekende een verdubbeling van de mortaliteit in vergelijking met het kindersterftecijfer vóór de sancties. Van 1990 tot 1998 overleden in het totaal ongeveer een half miljoen kinderen [8].

Het Unicef-overzicht van augustus 1999 [9] voerde aan dat Irak in een "humanitaire noodsituatie" verkeerde. Andere gelijkaardige rapporten toonden aan dat de belangrijkste oorzaken van de significante stijging van het kindersterftecijfer te wijten waren aan[8]:

-    De blokkering van het importeren van het vaccin voor de Irakese kinderen tegen difterie en gele koorts;

-    Het gebrek aan sanitaire voorzieningen en schoon water als gevolg van het embargo van de chemicaliën  voor het waterzuiveringsproces;

-    Het de kinderen onthouden van melk en het kwaliteitsvoedsel dat de opbouw van hun immuunsysteem  ondersteunt;

-    De bombardementen en de vernietiging van belangrijke civiele infrastructuur zoals elektriciteitscentrales, communicatienetwerken, ziekenhuizen, waterzuiveringsinstallaties en installaties voor de lozing van afvalwater, enzovoort heeft geleid tot de algemene achteruitgang van de levensstandaard. [10]

 

2. Andere aanvallen tegen de kinderen van Irak in de periode van de economische boycot gebeurden onder de vorm van veelvuldige bombardementen en bloedbaden door de luchtaanvallen van de VS/VK op de burgerbevolking in gebieden van de ‘No fly’ zones in het zuiden en noorden van Irak. Vanaf mei 1998-2000 werden zware aanvallen uitgevoerd door de luchtmacht en de marine van de VS. Het zuiden van Irak kreeg 36.000 luchtaanvallen te verduren en 24.000 gevechtsoperaties [11].

3. Een andere wreedheid tegen de Irakese kinderen en de burgerbevolking was het bombardement op de Ameriyah Shelter in Bagdad op 13 februari 1991 met inzet van de toen nieuwe "Bunker Bombs"[12]. Bij die aanval werden meer dan 300 kinderen levend verbrand.

4. Door het gebruik van radioactieve wapens tijdens de Golfoorlog van 1991 werd Irak besmet met verarmd uranium. Blootstelling hieraan veroorzaakte bij de kinderen specifieke ziekten zoals meervoudige kankers, kinderleukemie, aangeboren en andere misvormingen [13] [14]. Uit de registratie ontwaarde men een stijging prevalentie onder de bevolking van Zuid-Irak, en eveneens bij Amerikaanse en Irak-veteranen.

5. Op 26 september 1995 meldde het VN Voedselprogramma (WFP) dat 2,4 miljoen Irakese kinderen onder de leeftijd van vijf jaar risico liepen op ernstige ondervoeding [15].

6. In oktober 1999 meldde UNICEF dat vanaf april 1997 bijna de hele bevolking van jonge kinderen werd getroffen door een meetbare verschuiving in de nutritionele status. De toenemende ondervoeding trok de kindersterfte in Irak op tot de hoogste ter wereld [16].

7. Volgens Unicef bedroeg de alfabetiseringsgraad in 1989 in Irak 95% en 93% van de bevolking had toen vrije toegang tot moderne gezondheidszorg [17]. Ouders kregen een boete als ze hun kinderen niet naar school lieten gaan. Irak bereikte een niveau waar de basisstandaarden voor het algemene welzijn van de mens, met inbegrip van kinderen, tot de besten ter wereld behoorden [18]. Na het embargo van 1990 verslechterde het onderwijssysteem in Irak echter drastisch. Dit was te wijten aan een gebrek aan bevoorrading van onderwijsmiddelen, subsidies aan scholen en problemen om te blijven voldoen aan internationale normen en curricula. Op de vraag of de dood van een half miljoen Irakese kinderen de prijs waard was, antwoordde ambassadeur Madelyn Albright van de VS bij de Verenigde Naties: "Wij geloven dat het de prijs waard is." [19].

Uit dit antwoord blijkt hoeveel de VS en het Verenigd Koninkrijk gebeten zijn om de olievelden in Irak en over de hele wereld te controleren.

 

  1. De situatie van de Irakese kinderen onder de Amerikaanse bezetting van Irak (2003-heden)

 

De dertien lijdensjaren gedurende het economisch embargo en de dood van meer dan een half miljoen kinderen als gevolg van de economische sancties, eindigden met de Amerikaanse invasie van Irak in 2003. Nu kregen het volk en de kinderen van Irak te maken met buitensporig machtsgebruik, de ‘Shock and Awe’ methodes, razzia's, de vernieling van de infrastructuur, branden en plundering van de civiele diensten en culturele centra van Irak, schade aan centra voor gezondheidszorg en ziekenhuizen, en de sektarische moorden geënsceneerd door de inlichtingendiensten van de bezetter [20]. Onder de Amerikaanse bezetting van Irak werden voortdurend en systematisch ontelbare schendingen van de rechten van Irakese kinderen gepleegd.

 

Om meerdere redenen zijn de kinderen van Irak de belangrijkste slachtoffers van de bezetting:

 

1. Ze maken deel uit van de doden door de militaire bezettingsoperaties waarbij burgers het onmiddellijke doelwit waren. Bijkomende slachtoffers onder kinderen werden gemaakt door niet-ontplofte projectielen langs militaire routes [21].

 

2. Het doden en het misbruiken van kinderen tijdens de Amerikaanse troepenaanvallen op burgerlijke gebieden zoals Fallujah, Haditha, Mahmodia, Telafer, Anbar, Mosul, en de meeste andere Irakese steden [22]. Het bloedbad onder de kinderen van Haditha in 2005 is een schrijnend voorbeeld van "collateral damage" onder de burgers [23].

 

3. Dagelijks zijn er slachtoffers van autobommen, explosies in gebouwen en andere terreuraanslagen op burgers.

 

4. In de Amerikaanse en Irakese overheidsgevangenissen worden Irakese kinderen vastgehouden en gemarteld. Tijdens hun detentie worden kinderen gebrutaliseerd, verkracht en mishandeld. [24]. Amerikaanse bewakers hebben deze brutale misdaden gefilmd in Abu Graib [25] en andere gevangenissen.

 

5. Armoede als gevolg van economische ineenstorting en corruptie veroorzaakt acute ondervoeding onder de Irakese kinderen [26]. Oxfam melde in juli 2007 dat tot acht miljoen Irakezen onmiddellijke noodhulp nodig hadden en bijna de helft van de bevolking in "absolute armoede" leeft [27].

 

6. Bij wijze van collectieve straf werden hele steden uitgehongerd door het blokkeren van de voedseltoevoer, hulp en voeding en daarop geplunderd. Daaronder leden de jonge kinderen het meest en het voegde nog meer jonge slachtoffers toe [28].

 

7. Bacteriële vervuiling en gebrek aan sanitaire voorzieningen met inbegrip van een tekort aan drinkwater voor tot 70% van de bevolking [29] veroorzaakte de dood van "één op de acht Irakese kinderen" vóór hun vijfde verjaardag. De dood van jonge kinderen in Irak wordt toegeschreven aan ziektes die door vervuild water worden verspreid zoals diarree, cholera, tyfus, hepatitis, etc. [30].

 

8. Het besmetten en blootstellen van dichtbevolkte steden aan chemisch giftige en radioactieve wapens. Wapens zoals clusterbommen, Napalm, wit fosfor, en verarmd uranium [31] veroorzaken alle een drastische toename van het aantal kankergevallen, misvormingen bij kinderen, multipele kwaadaardige aandoeningen en kinderleukemie.

Onder de kinderen in gebieden zoals Basra, Bagdad, Nasriya, Samawa, Fallujah, Dewania en andere steden is er een veelvoudige toename van deze ziekten vastgesteld [32]. Meer dan 24% van alle kinderen geboren in Fallujah in oktober 2009 had aangeboren afwijkingen [33]. De Minister van Milieu in Irak riep de internationale gemeenschap op om de Irakese autoriteiten te helpen om de enorme toename van kankergevallen in Irak het hoofd te bieden [34].

 

9. De verslechtering van de gezondheidszorg [35] en de opzettelijke moord op artsen [36] [37] hebben geleid tot een toename van het aantal slachtoffers onder kinderen. Men schat dat het sterftecijfer onder de bevolking van Irak de 650.000 bereikte in de periode 2003-2006 [38]. Een ander onderzoek geeft aan dat het totale aantal doden voor de periode van 2003 - 2007 ongeveer 1 miljoen bedraagt [39]. Daarvoor werd onder andere de ontoereikende gezondheidszorg als een van de belangrijkste oorzaken aangewezen.

 

10. Schade aan het onderwijssysteem. In 2004 verlieten naar schatting twee van de drie Irakese kinderen voortijdig de school [40]. Uit statistieken vrijgegeven door het ministerie van Onderwijs in oktober 2006 bleek dat van de 3,5 miljoen studenten slechts 30% daadwerkelijk naar school ging. Voor de Amerikaanse invasie, zo gaf de UNESCO aan, was het schoolbezoek bijna 100% [41]. De moord op leraars en academici in Irak dreef hun collega’s ertoe het land te verlaten. Deze brain drain en de doelbewuste vernietiging van scholen en onderwijsinstellingen is onderdeel van de goed geplande culturele zuivering van de Irakese maatschappij en identiteit [42].

 

11. De totale ineenstorting van de economie van Irak, het sektarische geweld, de Amerikaanse troepenrazzia’s op burgers en de moord op een dierbaar familielid hebben de kinderen in Irak beroofd van een onschuldige, onbezorgde kindertijd die het recht is van ieder kind. Ze worden geconfronteerd met het verbreken van gezins- en familiale banden, met armoede en met een compleet en totaal gebrek aan veiligheid. Irakese kinderen worden gedwongen om kostwinner te worden omdat hun gezin honger en armoede lijdt. Ze verlaten de school en moeten het hoofd bieden aan de problemen van volwassen zoals werkloosheid en handenarbeid [43]. Deze situatie leidt tot ontbering en vele vormen van misbruik. De dagelijkse blootstelling aan geweld heeft hun psychologische ontwikkeling en ook hun gedrag ernstig verstoord.

 

12. Er is een drastische verhoging van het aantal weeskinderen in Irak. Het ministerie van Arbeid en Sociale Zaken schat het aantal Irakese weeskinderen op ongeveer 4,5 miljoen [44]. Andere schattingen noemen ongeveer 5 miljoen. Ongeveer een half miljoen van deze weeskinderen leven op straat en hebben geen dak boven het hoofd. Ze hebben noch familie of gespecialiseerde instellingen om voor hen te zorgen. Van deze weeskinderen zitten er 700 in Irakese gevangenissen en 100 in Amerikaanse gevangenissen [45].

 

13. De problemen van de gezinnen die gedwongen moesten migreren hebben een zware impact op de kinderen. Sinds de invasie van Irak wonen er ongeveer 2,2 miljoen binnenlandse ontheemden, gedwongen om te migreren, onder andere als gevolg van sektarisch en Amerikaans geweld. Ruim twee miljoen Irakezen werden uit Irak verdreven [46]. Op 20 november 2007 vermeldden de UNESCO-rapporten dat het aantal Irakese kinderen dat alleen al naar Syrië gevlucht was ongeveer 300.000 bedraagt [47]. De problemen van kinderen die onder druk van het geweld geëmigreerd zijn, vertegenwoordigen een echte humanitaire crisis. Een groot aantal gezinnen heeft er geen onderdak, geen middelen van bestaan, geen gezondheidszorg, geen onderwijs en geen enkele veiligheid van welke aard ook.

 

Tientallen internationale vluchtelingenorganisaties en NGO's hebben gesmeekt om internationale hulp voor het oplossen van deze crisis. Deel 4 van dit verslag bespreekt een aantal problemen waarmee de kinderen van de Irakese vluchtelingen in Syrië te maken hebben.

 

  1. Verslechtering van de levensomstandigheden van de gevluchte  Irakese kinderen:

 

Deze casestudie werd uitgevoerd door de auteur met de hulp van het Iraqi Women Will Body (IWW), een Irakese NGO die vecht voor de rechten van Irakese vrouwen binnen en buiten Irak. De auteur en haar assistente brachten huis-aan-huis bezoeken bij de gezinnen die hun vragenlijst beantwoordden. In oktober 2009 werden ongeveer 300 exemplaren van de vragenlijst, weergegeven in bijlage 1, verdeeld onder de Irakese families binnen het Yarmouk vluchtelingenkamp van Damascus in Syrië. De onderzoekers bezochten deze gezinnen om de juistheid van de antwoorden te waarborgen en persoonlijke interviews te houden.

 

Van de 300 uitgedeelde vragenlijsten bedroeg het responscijfer 120. Veel gezinnen waren bang om gedetailleerde informatie te geven, zoals de namen en het adres van hun kinderen, uit vrees voor verdere aanvallen door sektarische milities en de veiligheidstroepen van de bezettersgezinde overheid. Van de 120 ingevulde vragenlijsten waren er 94 volledig ingevuld, met volledige informatie over de namen en adressen van de kinderen die de vragenlijsten invulden. De leeftijd van de bestudeerde populatie kinderen varieerde van 2 tot 18 jaar. Daarbij waren 44 meisjes, of 46,8% van de onderzoekspopulatie, en 50 jongens, of 53,2% van de populatie. De vragenlijst (bijlage 1) bevroeg de volgende aspecten:

 

  1. Persoonlijke identificatie van het kind, inbegrepen naam, leeftijd, geslacht en plaats van geboorte.

  2. Sociale situatie van de gezinsleden van het kind.

  3. Onderwijssituatie van de geïnterviewde kinderen.

  4. Financiële situatie van de families van de kinderen.

  5. Gezondheidstoestand van de kinderen.

 

Hieronder een analyse van de enquête:

 

Tabel 1: geboorteplaats van de betrokken kinderen:

 

Geboorteplaats

Bagdad

Basra

Saladin

Syrië

Geen antwoord

totaal

Aant kinderen (n)

52

7

4

2

29

94

Aant kinderen (%)

55,32

7,45

4,26

2,13

30,85

 

 

De helft van de kinderen uit de studie kwamen uit Bagdad, waar het hoogste aantal razzia’s, moorden en sektarisch geweld zich voordeed onder de bezetting.

 

Tabel 2: De doodsoorzaak van de ouder(s) van de kinderen in de populatie

 

Doodsoorzaak

Aantal ouders (n)

%

Vermoord door sektarische milities en doodseskaders

29

57,4

Vermoord door benden en misdadigers

6

13,9

Gedood bij auto-ontploffing

4

9

Direct gedood door Amerikaanse soldaten

3

5,9

Direct gedood door Irakese veiligheidsagenten

1

2,8

Totaal

43

100

 

Uit tabel 2 leren we dat de gewelddadige dood van de ouders van kinderen uit de bevraagde populatie te wijten is aan ‘vuile oorlog’ technieken. Daarnaast weten we uit informele en niet geregistreerde antwoorden van de overige leden van de bestudeerde groep, dat:

 

- een kleine minderheid (43,6%) van de families van de kinderen in de onderzochte groep Irak verliet uit angst voor hun leven  en dit na de moord op leden van hun naaste familieleden en/of de illegale arrestatie van andere bekenden door de bezettingsmacht.

 

- er een miniem aantal (12,8%) van de families van de kinderen in de onderzochte groep gedwongen werd hun woonwijk te verlaten;

 

- we willen in het kader van dit rapport toch melden dat een niet-significant klein aantal (11,7%) kinderen uit de bestudeerde groep het land verliet als gevolg van een gebrek aan dienstverlening, veiligheid en rechtshandhaving.

 

Met andere woorden: een derde van de kinderen in de onderzochte groep migreerde onder dwang van het oorlogsgeweld uit hun oorspronkelijke woongebieden in Irak.

 

Bronnen van gezinsinkomen:

Tabel 3: De financiële toestand van de gezinnen van de kinderen op het ogenblik van de bevraging

 

Inkomensbronnen

Aantal gezinnen (n)

%

Pensioen minstens 1 ouder van de ouders

21

22,3

Inkomen  vrouw + VN steun toelage

24

25,5

Enkel VN steun toelage

17

18,1

Alle bovenstaande

7

7,5

Inkomen  vader met VN steun toelage

4

4,2

VN steun + werk  kind + verkoop persoonlijke eigendommen

21

22,4

Totaal

94

100

 

Tabel 3 leert ons dat de families van de kinderen uit de studiegroep, niet beschikken over een stabiel inkomen. De meeste gezinnen verkochten immers hun huizen en andere bezittingen in Irak om te vluchten en in hun toevluchtsoord te kunnen leven. Later werd het echter heel moeilijk om zonder werk en elke vorm van financiële zekerheid de kinderen te kunnen blijven grootbrengen. Sommige gezinnen ontvangen een ouderdomspensioen variërend tussen $ 200 en $ 400 per maand voor de ouder of voor de inwonende grootouder.

 

Een andere bron van inkomsten voor sommige gezinnen is de financiële steun van de VN ten bedrage van ongeveer $ 100 per maand plus $ 10 extra per kind. Omwille van ontoereikende financiële middelen bij de ouders, zijn veel kinderen binnen de bestudeerde groep verplicht te werken om hun gezin te helpen overleven.

 

Uit tabel 3  blijkt dat de financiële toestand van de meeste van deze ontheemde gezinnen ver onder de gemiddelde levensstandaard ligt, ondanks de meerderheid van de ouders van de kinderen in het bezit zijn van een universitair diploma (bijvoorbeeld leraren, ingenieurs, enz.).

 

We kunnen er ook uit afleiden dat de meeste gezinnen zich niet de meest fundamentele levensnoodzakelijkheden kunnen veroorloven, zoals kwaliteitsvolle voeding, medische zorg en een veilige, gezonde woonplaats.

 

Onderwijssituatie van de kinderen:

Gezien de kinderen binnen de bestudeerde populatie overwegend behoren tot gezinnen met goed opgeleide ouders, maakte de bevraging duidelijk dat, ondanks de financiële moeilijkheden en beperkingen, deze gezinnen toch probeerden hun kinderen zo degelijk mogelijk onderwijs te bieden. In tabel 4 tonen we de opleidingsstatus van de kinderen uit de studiepopulatie.

 

Tabel 4: Schoolsituatie van de kinderen in de bestudeerde groep

 

Onderwijsniveau

Aantal kinderen (n)

Percentage

Basisonderwijs

50

53,2

Lager Secundair Onderwijs

17

18

Hoger Secundair Onderwijs

6

5,4

School voortijdig verlaten wegens niet kunnen betalen schoolkosten

21

22,4

Totaal

94

100

 

Men ziet hier dat 22,4% van de kinderen niet verder naar school konden gaan als gevolg van extreme financiële moeilijkheden. Hierdoor waren de ouders zelfs niet in staat om te profiteren van het gratis onderwijs dat Irakese vluchtelingen in Syrië aangeboden krijgen. Wij kunnen hieruit concluderen dat de ouders zich de basisbehoeften, transportkosten, niet kunnen veroorloven. Andere kinderen dienden uit werken te gaan om te helpen in de overleving van hun gezinnen.

Het is duidelijk dat de voortzetting van het onderwijs van hun kinderen voor veel Irakese vluchtelingengezinnen een luxe is, die ze zich niet kunnen veroorloven in de dagelijkse strijd om hun kinderen te voeden en te kleden met deze zeer beperkte financiële steun.

 

Gezondheidstoestand en medische zorg

 

De enquête geeft ook aan dat, boven op de onderwijs- en financiële problemen, er bij de bestudeerde populatie kinderen ook ernstige gezondheidsproblemen zijn. Hieronder geven we een schets van de gezondheidstoestand van de bestudeerde populatie.

 

Tabel 5: gezondheid van de kinderen  

 

Gezondheidsproblemen

n kinderen

%

Congenitale afwijkingen

5

5,3

Kinderleukemie en ademhalingsproblemen

5

5,3

Gehandicapt door verwonding in militaire operaties

2

2,2

Mentale en psychologische problemen

32

34

Totaal

44

46,8

 

 

In tabel 5 wordt duidelijk dat 46,8% (berekend op totale responscijfer kinderen) van de bestudeerde kinderen (n = 94) kampen met ernstige gezondheidsproblemen. Het meest opvallend zijn de psychologische en mentale stoornissen (post traumatische stresservaringen) die deze kinderen treffen. De belangrijkste oorzaak van deze problemen zijn de gevolgen van het bezettingsgeweld: de razzia’s, de dood van en moorden op familieleden, soms voor de ogen van de kinderen. Een andere oorzaak van mentale instabiliteit is de drastische verandering in de levensstandaard van deze kinderen.

 

Uit de enquête bleek ook dat slechts 21 van de 44 gezondheidsknelpunten bij de bestudeerde populatie op enige manier medisch behandeld werden door de Irakese Rode Halve Maan, UNICEF en de gratis Syrische ziekenhuizen voor gezondheidszorg. In alle andere gevallen konden mensen zich geen medische behandeling veroorloven en ze werd ook niet aangeboden.

 

Slotbeschouwingen

 

Gedurende twee decennia pleegden de Amerikaanse regering en haar bondgenoten genocide op de Irakese bevolking. Daarbij zijn ook de kinderen niet gespaard [48], [49] gebleven. De ‘volgens schrijfster’ geplande genocide startte met het opleggen van economische sancties wat een natie in volle ontwikkeling verminkte. Het embargo eindigde met de bezetting van Irak. Gedurende deze bezettingsperiode pleegde de Amerikaanse administratie herhaaldelijk, opzettelijk en doelgericht, misdrijven tegen de menselijkheid. De misdaden tegen burgers troffen daarenboven ook de kinderen van Irak. Onder deze misdaden begrijpen we naast de vernieling van de kern van de civiele infrastructuur, eveneens de vele hongerende kinderen en/of de blootstelling van kinderen aan hongersnood, milieuvervuiling met radioactieve en onafbreekbare toxische stoffen, het in gang zetten en aanmoedigen van sektarische moordpartijen, het doden en martelen door de bezettingsmacht en het met geweld verdrijven van meer dan vijf miljoen Irakezen.

 

Het onevenredig en onnodig gebruik van macht tegen de burgerbevolking, zoals het doelgericht viseren van nog ongeboren kinderen, maakt duidelijk dat het hier om een vooraf beraamd plan gaat om Irak te ontvolken. Een ontvolkt Irak is in het voordeel van enkele minderheden die zich aan de kant van de bezetters scharen, zoals de Koerden.

 

Onder bescherming van de Amerikaanse bezetter en van de Israëlische Mossad, gestationeerd in Iraaks Koerdistan sinds 1991, zijn de Koerden bezig hun gebieden uit te breiden. Dit gebeurt door middel van dagelijkse moorden, bombardementen en ontvoering van Arabieren, Turkmenen, Christenen, Assyriërs en Yezidi's in de streken rond Kirkuk, Dialah, Kut, Mosul en andere gebieden die binnen het plan vallen van de Koerdische territoriale expansie. De kinderen in deze gebieden leven in een omgeving van totale chaos, geweld en terreur. Het mag duidelijk zijn dat de ontvolking van de Derde Wereldlanden, waarvan bekend is dat ze een sterke bevolkingsgroei hebben, actief op de agenda staat van de Amerikaanse buitenlandpolitiek. Zo schreef Dr. Henry Kissinger: "Ontvolking moet de hoogste prioriteit hebben van de Amerikaanse buitenlandpolitiek met betrekking tot de Derde Wereld [50] ".

 

Het direct en indirect doden van ongeveer drie miljoen Irakezen [51] [52] sinds 1991 teneinde hun bestaansmiddelen te beheersen en grote demografische veranderingen te bewerkstelligen is een criminele daad. De internationale gemeenschap dient daarom deze genocide dringend een halt toe te roepen.

 

De genocide zal enkel ophouden wanneer de Amerikaanse bezettingsmacht Irak verlaat opdat Irak en de Irakese bevolking kan herstelling van de vernieling en terreur die ze gedurende twee decennia onderging [53].

 

Referenties

[1]          John Pilger. “Squeezed to Death”. The Guardian. March 4, 2000. http://www.guardian.co.uk/theguardian/2000/mar/04/weekend7.weekend9 .

[2]          John Pilger. “Killing the Children of Iraq –A Price Worth Paying?” TV documentary exposes devastation toll of sanctions against Iraq .Britain’s ITV channel .Monday March 6, 2000.

[3]          Idem.

[4]          Hind Al-Safar, Iraqi Crisis Report No. 237. “Suffer the children; number of children dying is higher than when the country was under sanctions”. November 16, 2000. http://www.iwpr.net/?p=icr&s=f&o=340692&apc_state=henpicr .

[5]          UN DOCUMENT. Convention on the Rights of Child. http://www.cirp.org/library/ethics/UN-convention/ .

[6]          Joy Gordon. “Sanctions as Siege Warfare”. The Nation Magazine. March 4h, 1999. www.thenation.com/doc/19990322/gordon .

[7]          UNICEF. “Iraq Child and Maternal Mortality Survey, 1999: Preliminary Report”. http://www.fas.org/news/iraq/1999/08/990812-unicef.htm

[8]          UNICEF, 1999. “Iraq Press Room: Iraq Surveys show humanitarian emergency”. Information Newsline. August 12, 1999. http://www.unicef.org/newsline/99pr29.htm .

[9]          Ibídem.

[10]      Richard Garfield. “Morbidity and Mortality among Iraqi Children from 1990 through 1998: Assessing the impact of Gulf War and Economic Sanctions”. July 1999. http://www.casi.org.uk/info/garfield/dr-garfield.html .

[11]      See reference [1].

[12]      Kathy Kelly. Raising Voices. “The children of Iraq.1990-1999” in Iraq under Siege, Ed. Anthony Arnove. South End Press. 2000.

[13]      Rita Hindin, Doug Brugge and Bindu Panikkar. “Teratogenity of Depleted Uranium Aerosols: A review from and Epidemiological Perspective”.  Environmental Health: A Global Access Science Source 2005, http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/16124873 .

[14]      Yaqoub A. et al. “Depleted Uranium and Health of People in Basrah: An Epidemiological Evidence”. The medical journal of Basrah Univ. (MJBU), Vol.17, no.1 and 2, 1999, Iraq.

[15]      UN Food Program (WFP). “Iraq: Children Severe Nutritional Risk”. September 26, 1995.

[16]      CANESI. Canadian Network to End Sanctions on Iraq. “The Consequences of the War of Bombing and Sanctions Waged Against the People of Iraq Over the last 10 Years”. http://www.canesi.org/Engl/impact.html .

[17]      See reference [1].

[18]      Ibidem.

[19]      Ibidem.

[20]      Anup Shah. “Effects if Iraq's Sanctions”.1998. Updated October 2, 2005. www.globalissues.org/article/105/Effects_of_sanctions .

[21]      Robert Fisk. “Somebody is trying to provoke Civil War in Iraq”. ICL. February 3, 2006. http://www.informationclearinghouse.info/article 12137.html .

[22]      Refugees Studies Center. “Forced Migration Iraq’s Displacement Crises: The Search For Solutions”. Image Productions ISSN 1460-9819. http://www.fmreview.org/iraq.htm .

[23]      A.K. Gupta “Is the US Committing genocide in Iraq?” The Independent. October 7, 2007. http://www.independant.org/2007/10/19/is-the-us-committing-genocide-in-iraq/

[24]      Tony Perry and Julian E. Barnes. “Photos Indicate Civilians Slain Execution Style”. Los Angeles Times. May 27, 2006. Ret. from Brussells Tribunal web page.

[25]      Haifa Zangana. “Children of Iraq between Direct Targeting and Slow death”. Al Kudis Al-Arabia. Article in Arabic, 2-5-2009, London .UK. http://81.144.208.20:9090/pdf/2009/05/05-01/qra.pdf .

[26]      Sherwood Ross. “US and Allies Tortured Kids in Iraqi Prisons”. True Blue Liberal. November 8, 2008. http://www.trueblueliberal.com/2008/11/08/us-and-allies-tortured-kids-in-iraqi-prisons .

[27]      Michael Haas. “Children and Unlamented Victims of Bush’s War Crimes”. ICH. May 1, 2009. http://www.informationclearinghouse.info/article22529.htm.

[28]      Oxfam GH. “Rising to the Humanitarian Challenge in Iraq”. Oxfam Report on Humanitarian Situation in Iraq. Briefing Paper No. 105, July 30, 2007. http://web.mit.edu/humancostiraq/reports/oxfam_iraq.pdf .

[29]      See reference No. [27]

[30]      Jean Ziegler. “US Troops Starve Iraqi Citizens”. BBC News. October 15, 2005. http://news.bbc.co.uk/2/hi/4344136.stm.

[31]       Karl Vick. “Children Pay Cost of Iraq’s Chaos”. The Washington Post. November 21, 2004. www.washingtonpost.com/wp-dyn/articles/A809-2004Nov20.html .

[32]       Sarah Meyer. “What kind of Incendiary Bombs were used Against Civilians in Iraq”. Global Research.ca. November 14, 2005. http://www.globalresearch.ca/index.php?context=va&aid=1226 .

[33]      IICPH. “Iraqi Children: Victims of War”. March 1, 2007. http://iicph.org/news_0701-iraqi-children .

[34]      Martin Chulov. “Huge Rise in Birth Defects in Falluja”. November 13, 2009. http://www.guardian.co.uk/world/2009/nov/13/falluja-cancer-children-birth-defects

[35]      “Iraqi Minister if Environment Appeals to Japanese Government for Assistance in Dealing with DU Contamination”. Tokyo Newspapers. October 9, 2008

[36]      Dahr Jamail. “Iraqi Hospitals Ailing under Occupation”. Globalresearch.org. Feb 13, 2006. http://dahrjamailiraq.com/iraqi-hospitals-ailing-under-occupation .

[37]      Brussels Tribunal. “Attacks on and Military Occupation of Hospitals and other Medical facilities”. http://www.brusselstribunal.org/healthworkers.htm

[38]      Ibídem.

[39]      Johns Hopkins Bloomberg School of Public Health. “Updated Iraq Survey Affirms Earlier Mortality Estimates”. October 11, 2006. http://www.jhsph.edu/publichealthnews/press_releases/2006/burnham_iraq_2006.html.

[40]      AFP. “US Invasion and Occupation Killed One Million In Iraq”. ICH .January 30, 2008. http://www.informationclearinghouse.info/article19245.htm .

[41]      Dahr Jamail and Ali Al-Fadhily. “2 of 3 Iraqi Children No Longer in School”. December 18, 2006. http://www.albionmonitor.com/0612a/copyright/iraqschoolattendance.html .

[42]      UNESCO. “UNESCO and Education in Iraq Fact Sheet”. March 28, 2003. http://portal.unesco.org/fr/ev.php-URL_ID=11216&URL_DO=DO_TOPIC&URL_SECTION=201.html .

[43]      See reference No. 21.

[44]      UNICEF. “Iraqi Schools Suffering from Neglects and war”. Press released. Amman/Geneva. October 15, 2004. http://www.unicef.org/media/media_23630.html.

[45]      Ibidem.

[46]      See reference No. [21]

[47]      Dirk Adriaensens in Cultural Cleansing in Iraq. Authors: Raymond W. Baker, Sheren T. Ismael, Tareq Y.Ismael. Pluto Press. 2009.

[48]      Voices of Iraq. “Occupation’s Toll: 5 Million Iraqi Children Orphaned”. AlterNet/World. December 18, 2007. http://www.alternet.org/world/70886/?page=entire .

[49]      UNESCO Report 20/11/2007. “300,000 Iraqi Children Taking Refuge in Syria”. http://www.un.org.sy/forms/stories/viewStories.php?id=31

[50]      Gideon Polya. “Passive Genocide in Iraq”. Countercurrents.org. March 11, 2005. http:// http://www.countercurrents.org/iraq-polya110305.htm

[51]      Ian Douglas. “US Genocide in Iraq”. 2007. http://www.brusselstribunal.org/pdf/NotesOnGenocideInIraq.pdf.

[52]      Lonnie Wolf. “World Depopulation is Top NSA Agenda”. Club of Rome. The Haig-Kissinger Depopulation Policy. http://educate-yourself.org/now/nwopopcnsaglobal2000report10mar81.shtml .

[53]      David Goodner. “American Genocide in the Middle East: Three Million and Counting”. Globalresearch.ca. August 13, 2007. http://www.globalresearch.ca/index.php?context=va&aid=6531 .


[1] CRC Convention on the Rights of the Child – Conventie van de Kinderrechten